Energiearmoede

Of niet soms: column Harold Polis

Het wordt koud deze winter. De buitentemperatuur zal dalen, maar ook de thermostaten en vele gezinsbudgetten nemen een duik. De energiecrisis heeft bikkelharde gevolgen die we nog niet volledig zien. Of kijken we niet scherp genoeg? 

Misschien is de vraag niet alleen: waarom zijn we in deze crisis terechtgekomen? Maar ook: hoe het komt dat we de alarmsignalen hebben genegeerd? Uit tal van onderzoeken blijkt dat energiearmoede in België al heel lang een probleem is. Dankzij de Koning Boudewijnstichting beschikken we over een barometer die energie- en waterarmoede meet. De meest recente editie van de barometer gaat over het uitzonderlijke coronajaar 2020. Het onderliggende beeld blijft echter hetzelfde: al jarenlang kampt ruim 20% van de Belgische gezinnen met energiearmoede. Hopelijk lijkt dit straks niet de goede oude tijd en lukt het ons de toename te beperken.

De barometer is verplichte literatuur voor wie wil begrijpen hoe energiearmoede samenhangt met andere sociale kwesties. De helft van de gezinnen die met energiearmoede kampt, heeft immers ook een armoederisico. De kille logica van dit multiplicatoreffect toont de omvang van de uitdaging, voor onszelf, voor de samenleving en zeker ook voor de zorgsector.

Nog geen jaar geleden leek energie voor de meeste mensen redelijk goedkoop – tenzij dus voor de fameuze 20%. Nu moeten we allemaal in ijltempo energie besparen, afkicken van fossiele brandstoffen en veel meer alternatieve energie produceren. Eng is de poort, maar we moeten er hoe dan ook door.

Dat geldt ook voor de Vlaamse zorgsector. Haar infrastructuur is immens, met ruimte voor verduurzaming en besparing. De energiescans van het Vlaams Infrastructuurfonds voor Persoonsgebonden Aangelegenheden (VIPA) en het Vlaams Energiebedrijf (VEB) winnen aan belang. Ter vergelijking: de Nederlandse zorgsector verzamelt 4% van het totale Nederlandse energieverbruik, uiteraard met grote regionale verschillen. Dat hoge cijfer zal in Vlaanderen ongetwijfeld vergelijkbaar zijn. Elk uitgespaard kilowattuur vrijwaart dus zorgtaken. Bedrijven kunnen hun personeel misschien een dag in de week naar huis sturen om hun energiekosten te drukken, een woonzorgcentrum of een kinderdagverblijf heeft die luxe niet.

De huidige crisis verandert mogelijk het profiel van de klanten van de zorg, maar zeker ook hun aantal. De OCMW’s voelen dat nu al. Er waren al langer maatschappelijk werkers voor energie aan de slag. Die draaien overuren. De barometer voor energie- en waterarmoede toont duidelijk aan wie het grootste risico loopt: eenoudergezinnen, alleenstaanden, vrouwen, ouderen en jongeren. De aanbevelingen van de barometer zijn even helder: vergemakkelijk de toegang tot het sociaal tarief en maak het eerlijker, en help mensen energie-efficiënt te leven. De energietransitie zal alleen lukken als iedereen aan boord blijft.

 

Harold Polis

Foto's
Bob Van Mol
Tags
161