“Hopelijk kiest hij er ooit voor om ons kind te zijn”

Na drie eigen kinderen kozen Elise en Jannes voor pleegzorg

Elise en Jannes Vanlerberghe-Renard hadden al drie kinderen: Josiah (11), Eliah (10) en Anaiah (8). Toen kozen toen ze uit idealisme voor pleegzorg. In maart 2020 kwam Milo* (2) erbij.

Elise: “Het idee dat zoveel kindjes opgroeien in voorzieningen, zonder vaste hechtingsfiguren, heeft me altijd enorm geraakt. Diep vanbinnen heb ik altijd geweten dat ik graag een pleegkind wilde. Na de geboorte van Eliah hebben Jannes en ik dat voor het eerst concreet besproken. Maar toen Anaiah geboren was, hebben we het plan even on hold gezet. We wilden dat onze biologische kinderen oud genoeg zouden zijn voor we met pleegzorg begonnen, zodat er zeker geen onderling gevoel van concurrentie zou ontstaan.”

Jannes: “Bij Elise was dat verlangen naar een pleegkind diepgeworteld, bij mij is het langzaamaan gegroeid. Eerst waren er de infosessies en volgde het uitgebreide screeningstraject. Nadien hebben we ons aangemeld voor crisispleegzorg: twee weken voor een kindje zorgen leek me een ‘veilige’ eerste stap. Maar dat veranderde toen pleegzorg ineens een gezichtje kreeg.”

Elise: “Liam* was acht maanden oud toen hij in december 2018 in ons gezin terechtkwam. Zijn hoofdje was afgeplat door het vele neerliggen, hij kon nog niet zitten en huilde niet als hij honger had of wakker werd. In de twee weken die hij bij ons was, hebben we hem enorm zien openbloeien en evolueren. Maar dan kwam er plots een plekje vrij in een voorziening dichtbij de woonplaats van zijn mama, waardoor hij daarheen moest verhuizen. We hadden ons vooraf opgegeven voor crisispleegzorg, dus wisten we dat het maar voor een tweetal weken zou zijn, maar toch bleven we met een gebroken hart achter. Toen beseften we ook dat we een pleegkindje heel snel in ons hart konden sluiten. We wilden dus zeker opnieuw voor pleegzorg gaan, maar enkel voor de perspectiefbiedende variant.”

Aanvaard door het hele gezin

Jannes: “Na het vertrek van Liam hebben we even een ‘rustpauze’ ingelast. Ik had net een zaak gekocht, iets waar heel veel energie in kruipt. In 2020 besloten we er opnieuw voor te gaan. Toen ging het heel snel. In maart kregen we een telefoontje van Pleegzorg Vlaanderen, over een kindje dat we mochten bezoeken in een leefgroep. Een dag later ging de telefoon opnieuw: omdat ze – terecht – vreesden dat er een algemene lockdown zou komen, vroegen ze of we het kindje meteen mee naar huis konden nemen.”

“Milo voelt echt als ons vierde kindje. Ook de andere kinderen hebben hem in hun hart gesloten.”

Elise: “Plots was Milo dus bij ons, een jongetje van drie maanden oud. De eerste week was vrij pittig, omdat hij heel snel boos kon worden. Wellicht kwam dat door zijn eerste levensmaanden: na tien dagen in het ziekenhuis had hij al in een crisispleeggezin en twee voorzieningen gewoond. Hij had dus al veel afscheid moeten nemen. Maar na een week merkten we al een enorm verschil in zijn gedrag.”

Jannes: “En ons grote geluk was dat hij meteen heel goed sliep. Onze drie oudste kinderen waren als baby niet zulke goede slapers, maar Milo sliep meteen door. En hij ontwikkelde zich ook meteen goed op elk vlak, wat toch ook een geruststelling was. Het enige wat we wel merken, is dat Milo iets meer aandacht vraagt dan de andere kinderen. Dat heeft wellicht met zijn rugzakje te maken.”

Elise: “In het begin kwam Milo’s mama, die van Baltische origine is, geregeld op bezoek. We zagen dat ze heel veel van hem hield, maar doordat ze geen Nederlands of Engels spreekt, was de communicatie heel moeilijk. Haar situatie was ook erg complex. Intussen is ze teruggekeerd naar haar thuisland. We sturen haar geregeld foto’s van Milo, maar het contact loopt nu veel moeizamer. Ondertussen weten we al dat Milo zeker voor langere tijd in ons gezin mag blijven, wat natuurlijk een opluchting was.”

Pleegouders Elise en Jannes: “We wilden dat onze biologische kinderen oud genoeg zouden zijn voor we met pleegzorg begonnen.”

Dubbele gevoelens

Jannes: “Bij pleegzorg word je vaak met dubbele gevoelens geconfronteerd. Je weet dat het contact met de ouders heel belangrijk is voor de psychologische ontwikkeling van een kind. Anderzijds zijn die bezoekjes en de momenten op de jeugdrechtbank ook een bron van stress en emotie. We proberen zo open mogelijk te zijn met Milo. Hij mag ons alles vragen over zijn herkomst en zijn ‘buikmama’. Met foto’s en verhalen proberen we de herinneringen levendig te houden.”

Elise: “Voor ons voelt Milo echt als ons vierde kindje. En ook de andere kinderen hebben hem helemaal in hun hart gesloten. Ik denk dat pleegzorg ook hun leven enorm kan verrijken. Het is belangrijk dat ze beseffen dat niet iedereen evenveel geluk heeft in dit leven en dat anderen helpen belangrijk is. Natuurlijk is er soms eens ruzie, of vinden ze het vervelend dat Milo bijvoorbeeld hun lego afbreekt, maar dat hoort erbij. Onlangs waren Milo en Anaiah aan het strijden om mijn aandacht. Milo riep toen: ‘Mijn mama!’ en ik zag Anaiah vragend kijken: wat moest ze nu zeggen. (glimlacht) Voor haar jonge leeftijd ging ze er eigenlijk heel goed mee om. Ik heb Milo toen uitgelegd dat ik uiteraard zijn mama ben, maar dat hij niet uit mijn buik komt. Uiteraard besef ik dat we nog moeilijke momenten zullen meemaken, wanneer Milo begint te puberen en hij zich meer vragen zal stellen bij zijn afkomst. Maar ik denk dat eerlijkheid en openheid altijd cruciaal zijn.”

Jannes: “We hopen dat hij op een dag zelf de keuze zal maken om ons kind te zijn. En als hij op zijn 18 jaar graag door ons geadopteerd wordt, zullen we hem met open armen ontvangen.”

 

* Omwille van privacy zijn er schuilnamen gebruikt.

Foto's
Bob Van Mol